Gemeenteberichten

Gemeenteberichten is het informatieblad van onze gemeente, dat 6 keer per jaar verschijnt. Het is een periodiek met alle belangrijke informatie over kerkdiensten, gemeente-avonden, lezingen e.d. Daarnaast worden ook belangrijke activiteiten vermeld van landelijke- en regionale aard. Voor een proefnummer of inlichtingen kunt u contact opnemen met het secretariaat.
Een abonnement kost € 12.50 per jaar.

TER OVERDENKING uit het laatste nummer:

Steeds

Steeds achter de weer hoopvol opgelaten

vliegers aan lopend van mijn eigen woorden,

heeft mij ook dat niet duidelijk gemaakt

wat of ik hier al meer dan vijftig jaar

 

nu eigenlijk te zoeken heb of waar

het om begonnen is, zo er ooit iets

mocht wezen als een berekend meesterplan

(en dat is meer dan ik geloven kan),

 

maar onvoorstelbaar naamloze, jij die

bekleed werd en omkleed met zoveel namen

waar niemand meer van weet of weten wil,

 

laat soms me even merken dat je er bent,

niet in een blinkend inzicht, bliksemflits,

maar als een lichtheid in mij ademend.

 

 Hans Andreus

In veel kerkgebouwen is het niet mogelijk de ramen eens even lekker tegen elkaar open te zetten. Dat is jammer want bij aanhoudende hitte is niets prettiger dan om bij daling van de temperatuur de boel door te luchten. Weldadige lucht stroomt de ruimte binnen en geeft je het gevoel dat de zaak binnen weer eens even opgefrist wordt en dat het er de komende dagen weer beter toeven zal zijn.

In een kerkgebouw kan dat dus meestal niet in de mate waarin dat in veel huizen kan, maar hopelijk wel in figuurlijke zin. Niet zozeer in het kerkgenootschap (ook nooit weg) maar toch vooral in de eigen persoonlijke geloofsbeleving. Want belangrijker dan van een gebouw zijn de ramen van je ziel. Die tegen elkaar openzetten, is niet altijd makkelijk. Om in het beeld te blijven: de ramen kunnen klemmen of je kunt er bang voor zijn dat je ze niet meer dicht krijgt. Er kan van alles mee naar binnen waaien, ook rotzooi en hoe krijg je dat allemaal weer opgeruimd. Het weer kan veel te heftig omslaan en ach, het is dan wel bedompt geworden binnen maar dat trekt vast wel weer bij en het is nu eigenlijk best behaaglijk. Dus: laten we boel maar dichthouden.

Maar uiteindelijk krijgt iedereen te maken met storm en regen, zo hevig, dat de ramen openwaaien en het binnen een chaos wordt. Na de storm zit je tussen de resten van wat ooit was en moet je, zo goed en zo kwaad als mogelijk, alles weer op orde krijgen; sommige dingen blijven, andere knap je op, je gooit eens wat weg, schaft weer iets aan. En zo neemt het leven zijn keer en realiseer je je dat het nooit meer wordt zoals het was.

Door ziekte, afscheid, verlies en rouw worden we geconfronteerd met de ijzeren wetten én de wispelturigheid van het bestaan. Het gaat niemands huis (ziel) voorbij maar dat gegeven maakt de eigen ervaringen niet minder eenzaam.

Het gedicht van Hans Andreus, die van zijn worsteling met het leven geen geheim maakte, probeert iets van die gevoelens en ervaringen te verwoorden. De laatste strofe is niet alleen vragend maar verwoordt ook een eerdere ervaring van de schrijver. De ervaring van een levende God, wier bestaan wij zo kunnen betwijfelen maar die ons soms ook zo op kan tillen boven onze dagelijkse beslommeringen en verdrietige ervaringen. Die ons laat genieten en lachen en vrij doet zijn om te zijn wie wij zijn.

Een gebedsregel om te onthouden: God, laat soms me even merken dat je er bent, niet in een blinkend inzicht, bliksemflits, maar als een lichtheid in mij ademend.

 

Laura van Asselt,

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ds. Ivo de Jong, voor Woubrugge